Welke bandenspanning hoort bij mijn auto?De juiste bandenspanning is van groot belang om veilig en comfortabel te kunnen autorijden. Een band kan alleen optimaal presteren wanneer deze voor voldoende stabiliteit en draagkracht kan zorgen. Hiervoor moet de bandenspanning correct zijn.
Een te lage bandenspanning zorgt onmiddellijk voor minder stabiliteit, meer slijtage en een hoger brandstofverbruik. Bij een veel te lage bandenspanning kan de band zelfs oververhit raken en onherstelbaar beschadigd raken. Deze beschadigingen zijn niet altijd direct zichtbaar. Hierdoor kunnen levensgevaarlijke verkeerssituaties ontstaan.
De bandenspanning dient bij voorkeur om de 14 dagen gecontroleerd te worden, op z'n minst één keer per maand. Vergeet daarbij niet de bandenspanning van de reserveband. Ook voor aanvang van lange reizen dient u de bandenspanning te controleren.
Controleer de bandenspanning bij voorkeur alleen wanneer de banden koud zijn. Om van koude banden te kunnen spreken moet er tenminste 2 uur niet gereden zijn of heel weinig en rustig. Heeft u toch al enkele kilometers afgelegd, houd er dan rekening mee dat er minstens 0,3 bar méér in de band moet dan de opgegeven adviesspanning.
Verlaag de bandenspanning nooit wanneer de banden warm zijn. Dit veroorzaakt vaak een bandenspanning die beneden de adviesspanning komt. De bandenspanning moet in ieder geval per as altijd hetzelfde zijn. Vanzelfsprekend moet het ventiel voorzien zijn van een ventieldopje.
Uit onderzoek is gebleken dat men vaak een te lage bandenspanning hanteert. Bezoek daarom de website www.houddespanningerin.nl voor de juiste bandenspanning bij uw auto.
Bandenspanning lage sectie bandenLage-sectiebanden worden gekenmerkt door een relatief geringe zijkanthoogte. Wanneer de bandenspanning te laag is zal de lage zijkant snel het wegdek raken. Dit kan zelfs leiden tot de vernieling van de band en de velg. Bij een band op juiste spanning is enkel het loopvlak in contact met het wegdek.
Voor lage-sectiebanden kiest u de waarde die wordt aangegeven voor volle belasting en hoge snelheden. Houd er ook rekening mee dat het draagvermogen van lage-sectiebanden soms lager is dan van de standaard banden. De bandenspanning moet dan verhoogd worden.
Bij hoge snelheidsbanden (V,W,Y en ZR) en bij lichtmetalen velgen wordt het gebruik van metalen ventielen aanbevolen. De flexibele schacht van rubberventielen kan op hoge snelheid gaan verbuigen en/of inscheuren, wat luchtverlies als gevolg kan hebben.
Blijft een band met stikstofvulling langer op spanning?Een band met 100% stikstofvulling verliest langzamer z'n spanning dan een band die gevuld is met gewone lucht. Het verschil is echter niet zo groot omdat in de buitenlucht al vier keer zoveel stikstof zit als zuurstof. Stikstofvulling is een droge vulling (geen waterdamp), wat zowel qua oxidatie als temperatuurbeheersing positief is.
De druktoename als gevolg van optredende temperatuurverschillen is voor beide vullingen gelijk. Banden gevuld met stikstof in koude toestand hoeven dus niet op een andere spanning te worden gezet dan banden gevuld met lucht.
Let op: houd er rekening mee dat óók banden met stikstofvulling regelmatig op spanning gecontroleerd moeten worden (zie vraag 1). Door allerlei oorzaken zoals bandbeschadigingen of niet goed afdichtende ventielen kan ook een met stikstof gevulde band snel spanning verliezen.
Beļnvloed de profieldiepte van mijn band de rijeigenschappen?De banden zullen altijd de bepalende factor blijven in het contact tussen auto en wegdek. Het optimaal functioneren van banden wordt sterk beïnvloed door hun profieldiepte.
Nieuwe banden hebben, afhankelijk van het type, tussen de 7 mm. en 9,5 mm. profiel. Dit profiel zorgt voor optimale eigenschappen onder wisselende weersomstandigheden. De wettelijke minimale profieldiepte is voor alle personenwagenbanden in Europa 1,6 mm. Het is echter veiliger de banden bij uiterlijk 2 mm. te vervangen. Bij winterbanden wordt de slijtagegrens al bij 4 mm. restprofiel bereikt wat betreft de winterse eigenschappen. Winterbanden met minder dan 4 mm. restprofiel zijn in principe geen winterbanden meer.
In het profiel van de band bevinden zich slijtage indicatoren TWI (Tread Wear Indicator) die het naderen van de slijtage grens aangeven.
Bij nat wegdek neemt de kans op slipgevaar toe. Ook neemt de kans op aquaplaning toe naarmate de minimum profieldiepte van de band wordt bereikt. Het is echter niet mogelijk om voor elk bandentype de minimum profieldiepte te bepalen waaronder de band gevaarlijk wordt om mee te rijden. In het algemeen geldt dat hoe breder de banden zijn, hoe groter de kans is op aquaplaning bij versleten banden.
Om het grootst mogelijke rendement van uw banden te krijgen wordt aanbevolen deze om de 10.000 kilometer te wisselen van voor naar achteren en omgekeerd. Het wordt niet aangeraden de banden kruislings te verwisselen. Vergeet niet de bandenspanning aan te passen aan de nieuwe positie van de banden.
Deze maatregelen zullen de levensduur van de band verlengen en het rijcomfort verhogen.
Wat is het verschil tussen zomer- en winterbanden?Het meest in het oog springende verschil tussen zomer- en winterbanden is het profiel. Een winterband heeft in de profielblokken diverse inkepingen die we lamellen noemen. Deze vervormen bij contact met het wegdek tot een soort "zaagtanden" waardoor meer grip op sneeuw en ijs verkregen wordt. De remweg op sneeuw en ijs wordt daardoor aanzienlijk korter. Daarnaast is met winterbanden de grip en het bochtengedrag op sneeuw en ijs veel beter.
Een zomerbandenprofiel heeft geen lamellen en wordt gekenmerkt door brede langsgroeven en compacte schouderblokken. Deze langsgroeven zorgen voor een snelle waterafvoer terwijl de schouderblokken zorgen voor een goede handling in bochten.
Ook de rubbermengsels van zomerbanden en winterbanden zijn verschillend. De rubbersamenstelling van zomerbanden functioneert het best bij temperaturen boven de 7 graden Celsius. Daaronder wordt het rubber minder soepel en minder elastisch waardoor de prestaties van de band afnemen.
De rubbermengsels van winterbanden bevatten speciale grondstoffen die de banden soepel en elastisch houden bij lage temperaturen. Dus niet alleen bij sneeuw en ijs, zoals over algemeen wordt aangenomen, maar ook bij temperaturen onder de 7 graden Celsius presteren winterbanden beter dan zomerbanden.
Banden met een "M+S", "M&S" of "MS" markering op de zijkant zijn speciaal gemaakt voor optimale prestaties in Modder + Sneeuw. Deze markering is nodig om als winterband te worden gezien voor de wetgeving.
Het is toegestaan met winterbanden te rijden met een lager snelheidssymbool dan de maximale voertuigsnelheid. In sommige landen moet bij toepassing van winterbanden waarvan de snelheid volgens het snelheidssymbool lager is dan de maximumsnelheid van het voertuig een sticker op het dashboard worden geplakt om de bestuurder kenbaar te maken welke maximale snelheid bij de betreffende banden hoort. De bandenfabrikant is echter niet meer verantwoordelijk bij snelheden hoger dan de codering. De regelgeving omtrent winterbanden kan per land verschillen.
Wanneer wissel ik naar winterbanden?Met name de gemiddelde dagtemperatuur van + 7° C is maatgevend. Dus niet alleen de kans op slechte weersomstandigheden is bepalend voor het moment van montage van uw winterbanden. Voor Noordwest Europa betekent dit over het algemeen dat winterbanden gemonteerd kunnen worden aan het eind van September. Het monteren van uw zomerbanden kan het best in April.
Rijd nooit met winterbanden op de ene as en zomerbanden op de andere as. Geef bij overgang van zomer- op winterbanden of omgekeerd, de positie en de draairichting op de afkomende banden aan.
Is het verplicht winterbanden te monteren in Duitsland?Omtrent de regelgeving rond winterbanden doen allerlei verhalen de ronde.
De nieuwe wet in Duitsland geeft aan dat tijdens winterse omstandigheden de uitrusting van de auto aangepast moet zijn aan de omstandigheden. Daar rekent men, behalve antivriesmiddel in de ruitenwisinstallatie, ook geschikte banden toe. Dit geldt voor alle wegebruikers in Duitsland, dus ook de buitenlandse. In de media is dat vaak uitgelegd als een winterbandenplicht. In feite is dit dus niet helemaal waar.
Letterlijk staat de de Duitse Strassenverkehrsordnung (StVO): "Bei Kraftfahrzeugen ist die Ausrüstung an die Wetterverhältnisse anzupassen. Hierzu gehören insbesondere eine geeignete Bereifung und Frostschutzmittel in der Scheibenwischanlage."
Tot deze verandering is door de Duitse Bundesrat op 21 december 2005 besloten en is op 1 mei 2006 van kracht geworden. Verstoot men tegen deze nieuwe regelgeving riskeert de automobilist een boete van € 20,-. Als men hierdoor voor verkeershinder zorgt bijvoorbeeld door in een slip te raken of door stil te komen staan op een helling door een gebrek aan grip bedraagt de boete € 40,-. Bovendien kan men bij een verkeersongeval buiten eigen schuld toch medeaansprakelijk gesteld worden waardoor de schade slechts voor 70 tot 80% vergoed wordt door de WA-verzekering. Gebruik van ongeschikte banden kan bovendien gezien worden als grove nalatigheid zodat de all-risk verzekering weigert te betalen.
Jörg Hennerkes, staatssecretaris bij het Bundesministerium für Verkehr, Bau und Stadtentwicklung vertelt: "Het begrip winterbanden is niet als zodanig gedefinieerd. Er is geen onderscheid tussen winter-, zomer- of vierseizoenenbanden. Ons ministerie heeft zich ervoor ingespannen om de reeds bestaande en dus ook al geldende regels te verduidelijken. Nu is duidelijk omschreven dat bij motorvoertuigen de uitrusting moet worden aangepast aan de weersomstandigheden. In het bijzonder de banden en de antivries voor de ruitensproeier. Het zou kunnen zijn dat forensisch onderzoek moet uitwijzen of de banden een ongeval veroorzaakt hebben. Hoe dan ook, wie zijn auto niet aanpast aan de omstandigheden, loopt het risico op een boete. Dat geldt uiteraard ook voor buitenlanders."
Volgens de Europese wetgeving moet een winterband op de zijkant minimaal de codering M+S, M&S of M.S. (Mud & Snow) voeren. Dat betekent dat alle banden met een M&S aanduiding, inclusief sommige zomerbanden en all-season banden juridisch gezien winterbanden zijn. Sommige bandenfabrikanten gebruiken ook het sneeuwvloksymbool, dat bestaat uit een berg en een kristal van een sneeuwvlokje. Dit berg/kristal-symbool mag alleen gebruikt worden, als de winterband gedurende een testprocedure aantoonbaar beter is dan een vooraf geselecteerde referentieband. Tests hebben uitgewezen dat banden met een sneeuwvloksymbool 10% meer tractie hebben op een besneeuwd wegdek dan banden zonder dit symbool. Over de hele wereld accepteren bandenfabrikanten deze eisen en het overeenkomstige gebruik van het berg/kristal-symbool. In de EU is het echter slechts een vrijwillige en niet juridisch verplichte aanduiding.
Uiteraard is voldoende profiel op de banden wel een voorwaarde om veilig de winter door te komen. Bandenmax adviseert bij winterse omstandigheden minimaal vier millimeter profiel op winterbanden.

Hoe kan ik niet gebruikte banden het beste opslaan?Als de banden nog op de wielen zitten, bewaar ze dan liggend en verlaag de bandenspanning naar 1,0 bar. Als de banden van de wielen zijn afgehaald, zet ze dan staand neer of leg ze plat op elkaar (maximaal vier op elkaar). Het is raadzaam om ze schoon te maken met water om eventuele zoutresten te verwijderen. Laat ze daarna goed drogen.
De banden kunnen het best bewaard worden in een koele, bij voorkeur geventileerde omgeving waar geen direct daglicht is. Ze moeten niet opgeslagen worden in de buurt van elektronische apparaten die ozon afgeven zoals lasapparatuur, transformatoren, elektromotoren etc.. Bovendien mogen ze op geen enkele wijze in aanraking komen met chemicaliën, oplosmiddelen, smeermiddelen en olieproducten.
Mag een autofabrikant een bepaald autobandenmerk voorschrijven?Het aanbevelen van een bepaald bandenmerk door autofabrikanten staat ook wel bekend als "fabrikatsbindung".
Het is wettelijk verboden voor autofabrikanten om een bepaald bandenmerk te verplichten, dit wordt gezien als concurrentievervalsing. Deze verplichtingen werden in het verleden gepubliceerd in bijgeleverde documenten van nieuwe auto's. Dankzij Europese wetgeving is dit tegenwoordig op geen enkele manier meer rechtsgeldig (European Council Directive 92/23/EE, article nr. 4,5 and 6).
Wanneer originele banden vervangen worden door banden die de juiste afmetingen, draagvermogenindex en snelheidssymbool hebben voor het voertuig waar ze onder moeten, is er geen enkele reden om aan te nemen dat deze banden niet gemonteerd mogen worden.
Wanneer is een band te oud?Personenwagenbanden zijn samengesteld uit verschillende rubbercomponenten.
Ieder rubbercomponent is onderhevig aan een zekere mate van veroudering. In welke mate een band veroudert is sterk afhankelijk van verschillende factoren. Denk hierbij aan het aantal kilometers dat per jaar wordt gereden, de frequentie en duur van gebruik (dagelijks of een aantal keer per jaar), de snelheid waarmee gereden wordt en het regelmatig controleren van de juiste bandenspanning. Ook de weersomstandigheden, de belasting van de band (normale belasting of maximale belasting) en de opslag van de band wanneer deze niet gebruikt wordt, zijn factoren die deel uitmaken van dit verouderingsproces.
Door al deze verschillende elementen is het onmogelijk exact aan te geven hoeveel jaar of hoeveel kilometer een autoband gebruikt kan worden. Wel dient men er rekening mee te houden dat hoe ouder de band is hoe groter de kans is dat de band vervangen moet worden. Voor een zo lang mogelijke levensduur van de band wordt aanbevolen om deze, naast de maandelijkse bandenspanningcontrole, te laten controleren door een bandenspecialist. Als na 5 jaar de minimale profieldiepte van de band nog niet bereikt is raden wij aan de band in ieder geval jaarlijks te laten controleren door een bandenspecialist.
Banden die ouder zijn dan 10 jaar moeten sowieso vervangen worden, ook als deze er aan de buitenkant nog goed uitzien. Let op : extra aandacht verdienen banden die gemonteerd zijn op bijvoorbeeld aanhangers, caravans, campers, bootopleggers en paardentrailers. Door onregelmatig gebruik en continu maximale belasting tijdens gebruik kunnen deze banden sneller verouderen. Wij adviseren daarom deze banden na 8 jaar te vervangen.
Op de zijkant van een band staat een code waaruit men de productiedatum kan opmaken. Sinds 01-01-2000 bestaat de productiedatum uit 4 cijfers. bijvoorbeeld DOT 9D YE 2406, 2406 is hierbij de productiedatum, zijnde week 24 van 2006
Van 01-01-1990 t/m 31-12-1999 waren dit 3 cijfers met een driehoekje, bijvoorbeeld 458◄ = 45e week van 1998. Staat er geen driehoekje achter de drie cijfers vermeld dan zijn de banden vóór het jaar 1990 geproduceerd.
Controleren, vervangen en repareren van bandenHet is verstandig om banden regelmatig te laten controleren door uw bandenspecialist. Niet alleen eventuele schade kan worden geconstateerd, ook eventuele oorzaken van trillingen kunnen worden verholpen.
Vervang banden als ze:
- de minimale profieldiepte hebben bereikt (zie vraag 4);
- beschadigd zijn;
- verouderd zijn (zie punt 10);
Bij het vervangen van eerste montage banden dienen de zomerbanden minimaal van dezelfde draagvermogenindex en snelheidssymbool voorzien te zijn. Natuurlijk is het toegestaan banden met een hogere load index of snelheidssymbool toe te passen. Monteer nooit gebruikte banden zonder hun voorgeschiedenis te kennen. Om veiligheidsredenen moeten er tijdens de montage van nieuwe banden de ventielen ook vervangen worden omdat ze na verloop van tijd poreus worden en kunnen gaan lekken.
Wij adviseren een personenwagenband uit veiligheidsoverwegingen in principe niet te repareren. Mocht u echter toch de band laten repareren dan moet u het volgende in acht nemen:
- Laat reparaties altijd door vakmensen uitvoeren. Alle verantwoordelijkheden liggen bij diegene die de reparatie uitvoert of laat uitvoeren;
-
- Vanwege de zeer grote krachten bij hoge snelheden, adviseren wij geen reparaties uit te voeren aan banden met het snelheidssymbool V, W, Y en ZR;
- Toepassing van reparatievulmiddelen voor personen- en bestelwagens is niet aan te raden. Bij het gebruik ervan dient een snelheidsbeperking (max. 80 km/u) te worden gehanteerd. Deze middelen kunnen alleen als noodhulp toegepast worden;
Na een lekke band is het noodzakelijk snel te stoppen en de band te wisselen. Een lek gereden band dient men altijd van de velg te laten verwijderen om op verdere beschadigingen te onderzoeken. Als reparatie aan een band nodig en mogelijk is, dient dit zo snel mogelijk te gebeuren om verdere inwendige schade te voorkomen.
ReservebandDe reservebanden verdienen extra aandacht; ze kunnen oud of verouderd zijn. Verder dienen ze goed op spanning te staan. Denk eraan dat wanneer u met andere velgen rijdt (bijv. lichtmetalen velgen) de bouten hiervan waarschijnlijk niet geschikt zijn voor de reserveband. Denk er dus aan om de bouten van het reservewiel mee te nemen.
Het gebruik van het reservewiel in een noodgeval kan betekenen dat men naar een ander type en/ of soort band overgaat. Vergeet niet het rijgedrag aan de veranderde situatie aan te passen.
Wat zijn richtingsgebonden banden?Sommige banden hebben een richtingsgebonden profiel. Een richtingsgebonden profiel zorgt voor optimale waterafvoer en geluidsreductie. Het is daarom van belang de banden op de juiste wijze te monteren.
Bij richtingsgebonden banden moet u er voor zorgen dat de punt van de pijl met bijschrift 'ROTATION' in de voorwaartse rijrichting van de auto wijst. Op beide zijkanten van richtingsgebonden banden staat deze pijl afgebeeld.
Wat zijn asymmetrische banden?Er zijn ook banden met een asymmetrisch profiel. Het binnenste gedeelte van de band heeft een "meer open" profiel dan het buitenste gedeelte van de band. Het buitenste gedeelte van de band met "minder open" profiel is bedoeld voor een hoge tractie op droog wegdek en grip in bochten terwijl het binnenste gedeelte een "meer open" profiel heeft. Dit zorgt voor een betere waterafvoer.
Het "meest open" profiel moet altijd aan de binnenkant gemonteerd zijn. De tekst "INNER SIDE" of "INSIDE" op deze banden helpt te voorkomen dat de band verkeerd gemonteerd wordt. Bij montage van de band onder de auto is de zijkant met "INNER SIDE" of "INSIDE" dus niet leesbaar.
Wanneer gebruik je sneeuwkettingen?In een aantal landen wordt aangegeven wanneer men sneeuwkettingen moet gebruiken. Zorg er altijd voor dat u zeker weet dat uw sneeuwkettingen passen. Dit is belangrijk omdat de kettingen dan geen vitale delen van de auto beschadigen. Niet iedere ketting past op iedere auto. Probeer daarom thuis de sneeuwkettingen een keer te monteren zodat u niet voor onverwachte situaties komt te staan.
Kettingen moeten altijd om de aangedreven wielen worden gelegd. Let wel op uw snelheid tijdens het gebruik van de kettingen.
Als 'vervanger' van de sneeuwketting wordt de autosock vaak genoemd. Dit is een soort kous die over de band wordt getrokken. Het gaas op deze sok zou hetzelfde effect moeten hebben als een sneeuwketting. Vooral voor mensen met maar weinig ruimte voor sneeuwkettingen in de wielkast zou het een uitkomst moeten zijn. Echter als vervanger voor de traditionele sneeuwketting is dit product zeker niet aan te raden.
Wat betekenen de markeringen op de zijkant van de band?De markering op de band 215/55 R 16 97 V XL staat voor:
215: bandbreedte in mm. 55: hoogte / breedte verhouding in procenten R: radiaal (bepaalde constructie van de band) 16: velgdiameter in inches 97: draagvermogen (730 kg) V: snelheidssymbool (240 km/h)
Andere mogelijke markeringen op een band: XL: Extra Load (versterkte band met een verhoogt draagvermogen) RF: Reinforced (zelfde betekenis als Extra Load) M&S: Modder en sneeuwband (winterband) 0218929-S: Goedkeuringsnummer volgens ECE*-R30 TWI: Slijtage indicator (Tread Wear Indicator) minimale groefdiepte 1,6 mm. ROTATION: Geeft de voorwaartse rijrichting aan waarin een richtingsgebonden band gemonteerd dient te worden INNER SIDE: Staat op de zijde van de band welke aan de binnenkant gemonteerd dient te worden
De maataanduiding voor bestel- en lichte vrachtwagenbanden (C-banden) wordt aangegeven volgens ECE* Regeling 54 en wijkt slechts weinig af van ECE_R30 voor personenwagenbanden. * ECE = Economic Commission for Europe (UNO Instituut te Genève).
Wat betekenen de snelheidssymbolen?
| Snelheidssymbool |
Max. snelheid (km/h) |
Max. snelheid (mph) |
| N |
140 |
87 |
| P |
150 |
93 |
| Q |
160 |
99 |
| R |
170 |
106 |
| S |
180 |
112 |
| T |
190 |
118 |
| H |
210 |
130 |
| V |
240 |
149 |
| W |
270 |
168 |
| Y |
300 |
186 |
Draagvermogenindex
| Li |
Kg |
Li |
Kg |
Li |
Kg |
Li |
Kg |
| 65 |
290 |
79 |
437 |
93 |
650 |
107 |
975 |
| 66 |
300 |
80 |
450 |
94 |
670 |
108 |
1000 |
| 67 |
307 |
81 |
462 |
95 |
690 |
109 |
1030 |
| 68 |
315 |
82 |
475 |
96 |
710 |
110 |
1060 |
| 69 |
325 |
83 |
487 |
97 |
730 |
111 |
1090 |
| 70 |
335 |
84 |
500 |
98 |
750 |
112 |
1120 |
| 71 |
345 |
85 |
515 |
99 |
775 |
113 |
1150 |
| 72 |
355 |
86 |
530 |
100 |
800 |
114 |
1180 |
| 73 |
365 |
87 |
545 |
101 |
825 |
115 |
1215 |
| 74 |
375 |
88 |
560 |
102 |
850 |
116 |
1250 |
| 75 |
387 |
89 |
580 |
103 |
875 |
117 |
1285 |
| 76 |
400 |
90 |
600 |
104 |
900 |
118 |
1320 |
| 77 |
412 |
91 |
615 |
105 |
925 |
119 |
1360 |
| 78 |
425 |
92 |
630 |
106 |
950 |
|
|
Conversietabel bandenspanning
| KPa |
Bar |
psi |
| 100 |
1.00 |
14.6 |
| 150 |
1.50 |
21.8 |
| 175 |
1.75 |
25.4 |
| 200 |
2.00 |
29.1 |
| 210 |
2.10 |
30.6 |
| 220 |
2.20 |
32.0 |
| 230 |
2.30 |
33.5 |
| 240 |
2.40 |
34.9 |
| 250 |
2.50 |
36.4 |
| 260 |
2.60 |
37.8 |
| 270 |
2.70 |
39.3 |
| 280 |
2.80 |
40.7 |
| 290 |
2.90 |
42.2 |
| 300 |
3.00 |
43.7 |
| 325 |
3.25 |
47.3 |
| 350 |
3.50 |
50.9 |
| 375 |
3.75 |
54.6 |
| 400 |
4.00 |
58.2 |
| 425 |
4.25 |
61.8 |
| 450 |
4.50 |
65.5 |
| 475 |
4.75 |
69.1 |
Bandenspanning voor banden onder een caravanGebruik voor de banden op de achteras van uw auto de maximale bandenspanning wanneer u met een caravan rijdt. Het wordt aanbevolen de volgende bandenspanningen voor personenwagenbanden niet te overschrijden:
| Banden t/m snelheidssymbool T |
3,2 bar |
| Banden met snelheidssymbool H, V en W |
3,5 bar |
| Reinforced / Extra Load banden |
3,5 bar |
Voor banden onder caravans is het verstandig om voor versterkte banden te kiezen vanwege de vaak grote belading van caravans. Deze banden hebben een aangepaste constructie. De keuze kan worden gemaakt tussen bestelwagenbanden (commercial banden) of Reinforced (RF of REINF) / Extra Load (XL) personenwagenbanden.
Voor de banden onder uw caravan of aanhanger adviseren wij over het algemeen de volgende spanningen:
| Personenwagenbanden |
3,0 bar |
| Personenwagenbanden Reinforced / Extra Load |
3,5 bar |
| Bestelwagenbanden (C) banden |
3,75 bar |
Vouwwagens en kleine aanhangers zijn vaak uitgerust met "high speed trailerbanden". Bij deze banden is de bandmaat en de karkassterkte (aangeduid met ply rating getal of load index) zeer bepalend voor de hoogte van de bandspanning.
|